Gedragsdeskundige voor mens en paard

De afgelopen drie jaar waren met stipt de mooiste van mijn leven. In 2012 begon ik met de opleiding tot gedragsdeskundige.
Ik weet nog precies hoe de eerste les ging. Petra stelde zich voor, vertelde wat we gingen doen de komende drie jaar en vroeg ons daarna één voor één naar voren te komen om in 2 minuten te vertellen wie je was.
Jemig. Ik vond het doodeng. Verlegen en onzeker als ik was stond ik met een mond vol tanden voor de klas. Twee minuten leken wel een uur.

We begonnen het eerste jaar met verschillende theoretische vakken. Anatomie bijvoorbeeld, maar ook leerden we de verschillende uiterlijke kenmerken van paarden te herkennen, leerden we alles over hun lichaamstaal en observeerden we op video uren en uren allerlei verschillende paarden.
De eerste praktijkweek was ook de week met de eerste tranen. We leerden er loswerken en leerden hoe je door middel van grondwerk problemen op kan lossen. We werkten er met Contessa, maar hielpen ook het paard van Helen dat niet meer voorwaarts wilde lopen omdat hij totaal niet meer gemotiveerd was. We hielpen er Beasley, die een fysiek probleem bleek te hebben en zijn eigenaren tot wanhoop dreef met zijn chagrijnige gedrag. We hielpen Melissa weer in het zadel van haar stoere haflinger, leerden een opstapprobleem op te lossen en gingen aan de slag met een paard dat overal bang voor was en zich dan los trok uit de handen van zijn eigenaresse. Wat de paarden ons leerden was zo ontroerend, zo speciaal. We zagen al in het eerste jaar dat deze trainingsmethode levens kon veranderen, zowel van paarden als van mensen.

IMG-20150426-WA0004 IMG-20150426-WA0006

Ook mijn leven veranderde. Het tweede jaar stond in het teken van persoonlijke ontwikkeling. Ik had helemaal geen zin in persoonlijke ontwikkeling. Ik vond dat allemaal maar flauwe kul. Ik wilde met paarden werken, niet met mezelf. Dat we naar Frankrijk moesten voor een hele week waarin we geen paard zouden zien vond ik belachelijk. Ik verzette me flink. Ik had geen zin. Ik vond het stom. Ik had dat niet nodig.
Toch ging ik. Samen met de liefste man van de wereld, mijn eigen Gert. Samen met de meiden die nu mijn beste vriendinnen zijn. Marjolein, Laura, Lisbeth en Melissa.
Het was de meest bijzondere week die ik ooit heb meegemaakt. Werken aan mezelf was het beste wat ik kon doen. Ik leerde dat ik jarenlang iemand probeerde te zijn die ik diep van binnen niet was. Ik vond er mijn ware ‘ik’ en keerde terug als een ander mens. Voor het eerst in mijn leven kreeg ik respect voor mezelf. Durfde ik keuzes te maken die misschien niet leuk waren voor de mensen die ik altijd tevreden had willen houden, maar die goed waren voor mezelf. Ik ontwikkelde me tot een nieuwe Marloes. Een Marloes waar ik zelf blij mee ben, waar ik respect voor had en waar ik van houden kan. Zachter, eerlijker, opener. Ik kan terugkijken op mijn leven en denken: het was misschien niet fijn, maar ik sta stevig op mijn pootjes. Ik ben gelukkig. Omdat ik ben wie ik wil zijn. Ik wil nu eenmaal veel aan mensen om me heen geven. Alles wat ik heb. En nog meer wil ik geven aan de paarden. Het gaat mij niet om geld. Het gaat mij niet om status. Het gaat mij niet om ‘doen wat de massa doet’. Het gaat mij niet om de beste willen zijn, kostte wat het kost. Het gaat mij om eerlijkheid, om elkaar helpen, om paarden helpen. Het gaat mij erom dat mensen zien dat je veel bereiken kan als je de moed niet verliest. Drie jaar geleden vond ik dat ik moest zijn zoals alle anderen. Omdat mensen me vertelden dat je alleen dán meetelt. Nu weet ik wel beter. Je telt mee omdat je er bent. Het maakt niet uit wie je bent, het gaat erom wat je geven kan. Liefde, betrokkenheid, zorgzaamheid. Het gaat om de vragen die je stelt aan de mensen om je heen. Ik vond mezelf in Frankrijk. Ik ben er mensen door kwijtgeraakt omdat ze niet begrepen dat ik mijn leven anders wilde inrichten, maar ik heb er nog veel meer mensen bijgekregen omdat ze zien wie ik werkelijk ben. Werken aan mezelf. Ik was er zo bang voor, en het heeft me zoveel gebracht.
Het werkte al snel door in mijn werk met de paarden. Paarden willen niet dat je tegen ze liegt. Een paard heeft niets aan je als jij je anders voordoet dan je bent. Mijn relatie met de paarden verdiepte zich.

Ik durfde ervoor uit te komen dat ik ook andere dingen met paarden leuk vond dan alleen maar het rijden. Ik durfde zelfs langzaam maar zeker te zeggen dat mijn talent juist in die andere dingen zit.
De relatie met Gert verdiepte zich. De intensieve week in Frankrijk, waar we allebei met ons billen bloot moesten, gaf een hele nieuwe dimensie aan ons samenzijn. Ik hoefde me niet anders voor te doen dan ik was, en al zeker bij hem niet. Het was precies zoals een predikant ooit zei: ‘God vraagt je niet om Mozes te zijn, of Job. Hij vraagt je om jezelf te zijn, want van jou is er maar één.’

De praktijk van het tweede leerjaar stond in het teken van trailerladen. Opnieuw werden er uren achter elkaar paarden geobserveerd tijdens het oplossen van trailerlaadproblemen door onze gepassioneerde docente Petra Vlasblom. We oefenden de ‘horizontale slinger’ tot onze armen er pijn van deden en draaiden met de lijnen tot het perfect was. We kregen les in lesgeven, leerden opnieuw veel over gedrag en gezondheid bij paarden en gingen zelf aan de slag met trailerladen. Met elk probleem dat ik oploste groeide mijn zelfvertrouwen en durfde ik stiekem tegen mezelf te zeggen dat ik hier eigenlijk heel goed in was.

20150426_123905

Het derde jaar brak aan. Een pittig jaar met veel praktijkdagen. Ik werkte met paarden die bang waren. Bang van water, bang van vliegenspray, bang van geluiden of spoken in de bak of het bos. We werkten met boze paarden, paarden die steigerden en paarden die eerder depressief leken. We werkten vol overgave met de haflinger Daimy, die bij zijn eigenaresse uit een rijdende trailer was gesprongen terwijl ze 80 reed en daarna tijdens elke poging over de voorstang sprong. Wat was het een mooi proces om te mogen meemaken. Wat was het mooi om getuige te mogen zijn van de ups en downs tijdens de training. Het doorzettingsvermogen van zijn eigenaresse te mogen zien en haar tranen te helpen drogen als het weer eens tegen zat en onze tranen van geluk te laten stromen toen het probleem uiteindelijk was opgelost.

Het jaar stond in het teken van het maken van de eind-examenopdrachten. Ik gaf los- en grondwerklessen, verzorgde een clinic met Contessa, loste diverse gedragsproblemen op en ging als kers op de taart aan de slag met een jonge merrie die zich op de meest gevaarlijke manier liet vallen voor de trailer omdat ze zo ongelooflijk bang en boos was. Ze had als veulen op de trailer gemoeten toen ze daar mentaal niet aan toe was. Het trauma van haar was zo groot dat ze levensgevaarlijk gedrag vertoonde. In één training kon ik het gedrag ombuigen en stapte ze vol zelfvertrouwen de trailer op. Ik wist het zeker: hier ligt mijn talent.

Nu zit het erop. Het kostte bloed, zweet en tranen. Uren van studeren, oefenen, vallen en weer opstaan. Van trainen, aan mezelf werken, bijschaven en ontwikkelen. Van veel paarden in handen hebben, van observeren, leren. Van grenzen ontdekken. Van fysieke grenzen overschrijden en daar mee leren omgaan.
Het is gelukt. Ik mag mezelf één van de vijf afgestudeerden van jaargang 2012 noemen.

Vanaf vandaag ben ik officieel gedragsdeskundige voor mens en paard.

20150426_124000