Met vlag en wimpel

Het derde lesjaar van de opleiding ‘Gedragsdeskundige voor mens en paard ‘ van 2Moons staat in het teken van eindexamenopdrachten. Er moesten maar liefst 4 examens worden gemaakt, waarvan 3 filmopdrachten.

De eerste opdracht was het geven van een grond- en loswerkles aan iemand die hiermee niet bekend was. Ik besloot om Gert te leren loswerken. Door zijn handicap is zijn lichaamstaal niet altijd geheel duidelijk voor het paard en ik vond het een leuke uitdaging om daarvoor oplossingen te bedenken en er zo voor te zorgen dat ook hij controle kan krijgen over een loslopend paard. Gert mocht werken met Gadrienette. Ze is nog erg jong en heel speels en maakte het Gert niet makkelijk, maar hij deed het geweldig en al snel deed Gadrienette precies wat hij wilde.

De tweede opdracht was het opnieuw leren laden van een paard met een trailerlaadprobleem. Voor deze opdracht reed ik samen met Gert naar Overijsel omdat ik wist dat daar een paard stond met een gigantisch probleem. Het paard van anderhalf jaar oud liet zich absoluut niet laden. De eigenaar heeft haar aan de hand naar de opfok moeten brengen omdat ze zich steeds liet vallen voor de trailer en de kans bestond dat ze zich hierbij ernstig zou verwonden.
Het was een hele flinke klus om dit paard te leren trailerladen. Ze was boos en gebruikte al haar mogelijkheden om niet te doen wat ik van haar vroeg. Ze steigerde, draaide om, probeerde me te slaan of onder de voet te lopen. Uiteindelijk begreep ze dat ik haar geen kwaad wilde doen en dat ze me kon vertrouwen, en aan het eind van de training liep ze aan een loshangend touwtje de trailer in.
Het was een gevaarlijke situatie waar ik af en toe in stond, maar ik wist me er prima te redden zonder ook maar één keer mijn geduld te verliezen en boos te worden. Met veel respect en zachtheid heeft het paard geleerd dat een trailer niet eng is. Een ‘zeer goed’ was het hoogst haalbare cijfer, maar Petra vond dit niet toereikend genoeg en riep de term ‘uitmuntend’ in het leven. Een cijfer dat ze in de hele opleiding nog nooit gegeven had.

IMG_5039 IMG_5040 Trailerladen Hilje 2IMG_5036

Mijn derde opdracht was het oplossen van een gedragsprobleem. Ik loste het probleem op met Gadrienette, die niet meer ontwormt kon worden. Ook dit probleem werd met veel respect en zachtheid uit de wereld geholpen.
Omdat dit erg snel ging besloot ik daarnaast een film te maken over mijn werk met Contessa. Ik vertelde over alles wat ik voor haar gedaan heb om haar weer onder het zadel te krijgen. Het zadel, het voer, een andere hoefsmid. Maar ook het oplossen van de problemen aan de longeerlijn, het leren omgaan met vreemde en spannende dingen om haar heen. Het reduceren van stress. Haar vluchtreactie ombuigen naar stilstaan als ze schrikt. Het opnieuw leren remmen en sturen. Het opnieuw leren accepteren van het zadel.
Afgelopen woensdag ging in naar Rotterdam om deze laatste opdracht te presenteren. Waar ik bij het trailerladen als eerste student een ‘uitmuntend’ kreeg, kreeg ik nu een ‘dikke uitmuntend’, met als commentaar dat het helemaal perfect was en een flink compliment voor mijn geduld en doorzettingsvermogen om 8 maanden lang te investeren in het oplossen van de gedragsproblemen van Contessa.

Tess en Marloes

Ook mijn theorie-examen haalde ik me hoge cijfers en zit de eindexamenperiode er op. In de afgelopen drie jaar haalde ik voor één theorie-examen een ‘goed’ en bleek dit mijn laagste punt. Voor alle overige opdrachten haalde ik een ‘zeer goed’, het hoogst haalbare cijfer, en kreeg ik zelfs twee maal een cijfer dat niet eerder gegeven was.

Doordat de laatste praktijkweek verzet moest worden in verband met de vogelgriep en daardoor het diploma pas in april zal worden uitgereikt weet ik sinds woensdag dat ik met vlag en wimpel ben geslaagd!

Mooie start 2015 dankzij DVB Foundation

2014 zit er op. Het was een jaar met ups en ook behoorlijk wat downs.
Het begon fantastisch in januari, met de verhuizing naar onze nieuwe plek. Een heerlijk rustige plek met overal om ons heen grazende paarden, fluitende vogels en prachtige natuur. Het was een hele klus, dat verhuizen. Ik hield er van en ik haatte het. Het was een start van een heel nieuw leven. Het bracht kansen en mogelijkheden maar ook het verdriet van het loslaten van datgene wat ik achterliet. En het bracht chaos. Héél veel chaos.
In februari verhuisde Gadrienette en Dinky ook naar hun nieuwe plek, letterlijk in onze achtertuin. Het genieten kon beginnen.

IMG_2448

Niet lang daarna kwam Nelson. Nelson, mijn altijd blije, altijd vrolijke huppelpup. Wat was het een hoopje ondeugd. Wat bracht hij een hoop plezier in huis, iets wat hij nog altijd elke dag doet. Ik heb de afgelopen 365 dagen echt elke dag genoten van zijn aanwezigheid.
Ook Tessa kwam snel naar Neerkant. Veel sneller dan gedacht, gepland en gehoopt. Ik vond het fijn dat ze kwam, maar ik vond de reden waarom verschrikkelijk. Ook met Tessa moest ik een nieuwe start maken, kwam er rust maar ook veel chaos en moest ik alles wat ik gewend was loslaten. We kenden grote hoogten maar ook ontzettend diepe dalen en hoewel opgeven geen optie was stond het huilen me vaak een heel stuk nader dan het lachen. Maar hé, ik had het wel over Tessa. Mijn lieve Contessa. Mijn Tess Prinses. We vochten, we huilden en we lachten en kwamen verder dan we ooit hadden durven dromen.
Fysiek was het een jaar van, soms letterlijk, vallen en opstaan. Op mezelf wonen viel me zwaarder dan ik dacht. Ik moest leren dat perfectionisme mij ontzettend in de weg stond en dat het beter gaat als ik de dingen niet altijd persé voor een 10 wil doen. Een 8 is immers ook prima. Mijn lijf protesteerde, het gaf het soms op. Soms lag ik dagen op de bank te mopperen op mezelf en soms genoot ik van wat ik kon. Keer op keer maakte ik een nieuw planning, bedacht ik een nieuwe structuur en zocht ik mogelijkheden om zoveel mogelijk zelf te kunnen. Waar kon zocht ik naar hulpmiddelen en waar het echt niet ging leerde ik hulp in te schakelen. En nog vond mijn lijf het niet altijd leuk.
Mijn benen gaven het vaker dan ooit op, mijn hoofd stond regelmatig op ontploffen en soms kwam het stoom me uit de oren. Ik ging van tandarts naar tandarts en zag flink af na een veel te zware operatie. Toen ik begin december dan ook nog voor de tweede keer in mijn leven een klap in mijn gezicht kreeg van een paard kreeg ik niet alleen schrik maar ook een fikse huilbui. Het was gewoon niet leuk meer zo!

IMG_7330_1

Reus

En zo was er wel meer niet leuk in 2014. We verloren zowel Vorman als Reus, de twee paarden van Gert en vielen van de ene tegenslag met de paarden in de andere.  We hadden last van een ware konijnenplaag, maakten kennis met de zwarte- en bruine rat en ik leerde dat de spinnen in Neerkant van een veel enger formaat zijn dan die van Tilburg. Om het jaar in dezelfde stijl te kunnen afsluiten stal iemand onze zadels, hoofdstellen en andere spullen van waarde en bezorgde ons daarmee een heleboel ellende en alsof het allemaal nog niet erg genoeg was werd ik een dag later met een ambulance naar het ziekenhuis gebracht omdat Aerro niet net zo voorzichtig met mij was als ik altijd met hem.

En toch, ondanks alles, was 2014 ook een jaar waarin ik genoten heb. Genoten van de paarden, van deze nieuwe, fantastische plek. Van Nelson, met al zijn grappige en eigenwijze streken en zijn vrolijkheid. Genoten van de geslaagde zoektocht naar een nieuw paard voor Gert en genoten van mijn eerste wedstrijd op datzelfde paard: Aerro. Genoten van het derde jaar van de opleiding, waar ik nu bijna klaar mee ben. Genoten ook van de ontwikkeling die ik zelf heb doorgemaakt.

DSC_0434IMG_5039Gadrienette trailerladen
Aan het werk tijdens de opleiding tot gedragsdeskundige”

 

Nu is het 2015. Nieuwe ronde, nieuwe kansen. We laten de pech achter in 2014 en gaan met frisse moed het nieuwe jaar in. Vlak voor kerst kreeg ik een geweldige verrassing. De DVB Foundation had gehoord over de pech die we gehad hadden door de diefstal van onze zadels en hoofdstellen en na een verdere kennismaking besloten ze ons te ondersteunen in de aanschaf van nieuw harnachement.
Gert kende de DVB Foundation al, maar voor mij was het allemaal geheel nieuw. De DVB Foundation is een stichting die ruiters en amazones met een handicap wil ondersteunen in het beoefenen van de paardensport met fondsen, sponsoring en donaties. De grondleggers van deze stichting zijn de internationaal bekende topruiters Coby en Marlies van Baalen en ze besloten dat ze ook mij wilden helpen om letterlijk weer in het zadel te kunnen stappen. Hoe dankbaar ik ben is moeilijk op papier te zetten. Hoe bijzonder is het dat je eerst kennismaakt met een kant van de maatschappij waar je liever nooit mee te maken wil krijgen, namelijk mensen die inbreken, spullen vernielen en bij andere mensen weghalen. Om dan een tijdje later kennis te mogen maken met mensen die geheel belangeloos willen helpen. Gewoon, omdat ze het erg vinden dat je zoveel pech hebt en begrijpen hoe belangrijk het is om te kunnen blijven werken met de paarden.
Dat ze mij willen ondersteunen om de paardensport te kunnen (blijven) uitoefenen is een ontzettend grote steun. dvb Onze zadels waren niet alleen op de paarden maar ook op onze beperkingen aangepast. We vielen niet alleen in een gat als het ging om training en wedstrijden, voor mijn lichaam maar vooral om goed om te kunnen gaan met de gevolgen van mijn hersenletsel heb ik het paardrijden gewoon hard nodig. Zonder de DVB Foundation was het niet mogelijk geweest om opnieuw volledig aangepaste zadels aan te schaffen. Ik wil via deze weg dan ook iedereen die deel heeft (gehad) in deze beslissing heel hartelijk bedanken voor de gekregen steun!

2015 is hiermee geweldig begonnen. Nu de sneeuw weer weg is en er ook voor de paarden weer zadels zijn vonden we het een mooie kans om weer in het zadel te stappen op de eerste dag van het nieuwe jaar. Het weer werkte prima mee. De zon scheen, het waaide amper en Aerro had zichtbaar zin om aan het werk te gaan. Na alle zorgen van het afgelopen jaar was het heerlijk om alles even te vergeten en te rijden. Rijden in onze eigen buitenbak, in onze eigen achtertuin, op ons eigen fijne paard. Wat is het leven toch goed!
De start van 2015 had niet mooier kunnen beginnen. Hopelijk volgen er nog vele andere mooie dagen komend jaar!

IMG_5882IMG_5823

Déjà vu

Het is me een weekje wel. maandagavond rond 23.00 uur trok ik mijn warme kleren aan om de laatste ronde door de stal te maken voor die dag. De paarden stonden heerlijk te genieten van hun slobber en het hooi toen ik, net als altijd, controleerde of alle deuren op slot waren. Ik deed het licht uit, riep welterusten tegen de paarden en sloot de stal af.

De volgende ochtend ging ik als eerste de paarden voeren. Heerlijk vind ik dat, om eerst een frisse neus te halen en dan te gaan ontbijten. Ik zag dat er linten van de paddock open waren en vond dat eigenlijk heel raar. Die draad is namelijk nooit open! Zou Gert op,stal zijn dacht ik nog? Zodra ik de staldeur open deed zag ik het: er was ingebroken. Ik checkte direct de paarden maar gelukkig waren ze in orde. Je hoort zoveel enge verhalen de laatste tijd… Onze zadelkamer was minder ongeschonden gebleven. De deur was opengebroken en werkelijk alle spullen met enige waarde waren weg, ook onze aangepaste zadels. Ik riep een paar onbeleefde woorden die ik hier vooral niet zal herhalen en begon te bellen; Gert, politie, verzekeraar, buren. Voor ik het wist was de dag voorbij en had ik alleen maar aan de telefoon gezeten en dingen geregeld.

De dag erna kwam Hart van Nederlsand van SBS6 om Gert te filmen. Gert zou zaterdag zijn eerste wedstrijd rijden sinds de dood van Vorman. Het werd nogal een andere reportage dan gepland maar desondanks was het een leuke ochtend. In de late namiddag hadden we genoeg spullen bij elkaar om Aerro te rijden. Het zadel pastte netjes, het hoofdstel konden we op maat krijgen en ook een passend bit was geregeld. Het enige wat ontbrak was een singel waar ons voortuig aan kon. Ik lostte dat op met een spoorbandje. Gewoon een riempje om de singel waar ik het voortuig aan vast kon klikken, hoe erg kon dat zijn?

Ik liep met Aerro naar de bak, steeg op en stapte weg. Hij was duidelijk geïrriteerd. Afwisselend met links en rechts sloeg hij met een achterbeen onder zijn buik. Na een paar rondjes steeg ik af om te kijken wat er aan de hand was. Zodra ik me bukte om te kijken sloeg Aerro naar datgene wat hem irriteerde en kwamen we flink met elkaar in botsing. Hij raakte me met de achtervoet vol in mijn gezicht. Het bloedde als een rund en ik was duizelig dus we belden de ambulance en de buurman. Binnen een half uur lag ik op de eerste hulp van het ziekenhuis, met een neus als Shrek en behoorlijk veel pijn. Met een tampon in mijn neus stuurden ze me niet veel later weer naar huis. Foto’s gaven geen uitsluitsel of er een breuk zat en dus moest ik de volgende dag naar de KNO-arts.

De buurman, die Aerro had afgezadeld, de paarden op stal had gezet en ons huis op slot had gedaan kon weer een beetje lachen toen ik hem zei dat ik er niet knapper op was geworden sinds zijn laatste bezoek. Mijn neus voelde ondertussen aan als een blok beton en mijn tong als een oude schoenzool. Die avond maakte ik alweer mijn eerste grapjes en bekwamen we allebei van de schrik. Ik zei Gert dat mijn neus nu te groot was om in andermans zaken te steken, en dat verder kijken dan mijn neus lang was ook niet meer zou lukken nu mijn neus zo gezwollen is dat ik er echt tegenaan kijk.

Mijn angst voor het onderzoek van de KNO-arts was groot, maar toch kon er nog een lachje af toen Gert zij dat ik aan moest geven dat ik snel pijn heb aan mijn gezicht. Die arts kon dat niet ruiken, zei hij. Weer zo’n leuke woordspeling. Uiteindelijk bleek het op het eerste gezicht niet gebroken. Volgende week kijken ze nog een keer, om zeker te weten dat ze niets over het hoofd zien omdat het nu zo dik is.

niets gebroken. Een geluk bij een ongeluk dus.

Het was wel een flink déjà vu. Twee keer in je leven een klap in je gezicht krijgen van een paard, wat een toestand. Ik heb dit keer wel ontzettend veel geluk gehad! Die neus van mij krijgt het flink voor zijn kiezen!

Volle kracht vooruit

Acht maanden. Acht hele maanden ben ik nu bezig om Tess om te toveren van een soort luipaard naar een lui paard. Ik stopte met rijden, haalde haar door de hele medische molen en zo kwam een groot fysiek probleem aan het licht.

Acht maanden lang was ik er zo ongeveer dag en nacht mee bezig. Steeds weer nadenken over ‘hoe nu verder’, dingen opzoeken op internet, mensen om raad vragen, trainen, vallen en opstaan, achterom kijken of juist vooruit. Soms met een dikke glimlach, soms met een traan. Het duurde lang. Langer dan ik had gedacht. Met hele kleine stapjes werkte ik langzaam maar zeker toe naar dat ene doel: weer kunnen rijden. Een niveau heb ik niet in gedachten. Mijn eerste doel was gewoon erop zitten en kijken of ze dat zou kunnen.

1e keer rijden tessa

Uren en uren besteedde ik aan oefeningen van de fysiotherapie, zocht ik oefeningen uit de vrijheidsdressuur op om de rug sterker te maken, leerde ik de beginselen van het rechtrichten en werken aan de hand, maakte ik wandelingen, trainde ik met balkjes, knisperende zeiltjes, vlaggen, plastic flesjes en een heuse paarden hoepel. Ik longeerde haar, werkte haar los, liet haar masseren en leerde zelf de gevoeligste plaatsen onder handen te nemen. Ze ging naar de osteopaat, haar hoefijzers gingen eronderuit en ik liet haar bekappen volgens een andere methode. Het voer werd veranderd, we werkten aan ontspanning tijdens hele simpele dingen als borstelen, beenbeschermers omdoen en opzadelen.
En toch bleef er onrust.

Het duurde en duurde. Ik werkte zelf met haar, klasgenoten werkte met haar, de lerares keek mee. We kwamen er niet doorheen. Het ging goed, totdat het zadel erop ging. Wandelen met dat zadel ging na twee keer prima. Niets aan de hand. Maar longeren met zadel was gewoon een ramp. De moed zakte me in de schoenen, alweer.
Op de opleiding van 2Moons leren wij werken op intuïtie. Niet altijd maar zonder nadenken het boekje volgen, maar juist met je gevoel de training afstemmen op het paard. Soms heb je dat gewoon ineens, dat je heel sterk voelt dat je iets moet doen, of juist niet. Je denkt bijvoorbeeld dat je die ene vriendin weer eens moet bellen, en ze heeft je harder nodig dan je kon bedenken. Je haalt je paard uit stal en denkt dat je hem vandaag maar eens aan de longeerlijn moet doen, terwijl je dat nooit doet, en hij blijkt zin te hebben in een flinke partij bokkesprongen waarbij je nooit in het zadel had kunnen blijven zitten. Zo had ik dat vandaag.

Al dat ge-longeer met Tessa is prima. Echt. Maar longeren met het zadel op, hoeveel voegt dat eigenlijk toe? Ik kan haar fysiek prima trainen met een longeersingel om. De grote vraag was natuurlijk: als ze zo idioot doet met het zadel aan de longeerlijn, doet ze dat dan ook met het zadel en iemand erop? Omdat niemand die vraag met zekerheid kon beantwoorden bleven we kleine stapjes bedenken om dit probleem weg te trainen.

Tot gisteren. Ik haalde haar uit stal en had ineens mijn plan klaar. Longeren? Niet vandaag.
Ik legde het zadel op haar rug, trok mijn laarzen en bodyprotector aan, zette mijn cap op en liep naar de bak. Daar liepen we een paar rondjes, ik ademde flink uit en stapte op. Gewoon, alsof er nooit wat gebeurd was. Omdat ik voelde dat het kon.
Wat was het fantastisch! Na acht maanden zat ik weer op mijn knappe, leuke, lieve, geweldige Tessa. We stapten een minuut of vijf aan de lange teugel. Paar rondjes linksom, paar rondjes rechtsom en klaar. Met een glimlach van oor tot oor kwam ik er weer af. Mijn dag, of mijn week, of misschien wel mijn maand, kon niet meer stuk.

Vandaag hebben we nog maar een rondje gedaan en zijn we weer een klein stapje verder gegaan. Niet alleen stappen, maar ook wat draven. Ze liep alsof ze nooit anders gedaan had.

De komende tijd gaan we weer kleine stapjes bedenken om verder te gaan, want we zijn er echt nog niet. Het stuur is niet altijd in orde en ook de rem is nog niet helemaal bevestigd, dus we zijn echt nog voorzichtig maar het eerste doel is toch echt bereikt. Ik zit erop! Whoehoeeee! De komende tijd blijven we lekker longeren, rechtrichten, oefeningen doen en wat werken onder het zadel. Eerst gaan we kijken of we van 5 of 10 minuten misschien een kwartiertje kunnen maken en of we in dat kwartiertje kunnen werken aan een stuur en fijner afgestelde rem.

Met alles wat we bereikt hebben weet ik bijna zeker dat ons dat gaat lukken. We gaan plotseling met volle kracht vooruit.
Figuurlijk dan, en dát wil ik graag zo houden!

Uit het stof

Het is al ruim drie jaar geleden dat ik mijn laatste wedstrijd reed met Contessa. Mijn wedstrijdlaarzen stonden al die tijd wat weggedrukt in een hoekje, de hoes met daarin mijn dressuurjasje hing er wat treurig bij. Dat ik geen wedstrijden meer zou rijden was iets waar ik me bij had neergelegd.

IMG_5671

Er zijn, heel kort door de bocht, twee soorten dressuurruiters. Voor de ene ruiter is het paard er voor de dressuur. Deze ruiter kan niet zonder competitie, deze ruiter wil winnen, wil een paard wat daarbij past. Deze ruiter kan tot de conclusie komen dat hij of zij beter kan zoeken naar een ander paard als blijkt dat de combinatie niet (meer) tot presteren in staat is. En dat is dan ook het beste. Voor geen enkele ruiter is het leuk om een paard te hebben wat niet bij je past, en voor het paard is dat geen haar beter. Een paard wil namelijk iemand die zich 100% inzet met liefde, toewijding en respect. Dan heb je de groep ruiters waarbij de dressuur er is voor het paard. Deze ruiter verdiept zich in de oefeningen en in het ‘waarom’ daarachter. Waarom heeft iemand ooit bedacht dat een paard allerlei kunstjes moet doen? Deze ruiter past zijn ambities aan als blijkt dat het paard niet in staat is tot het lopen van wedstrijden. En ook dat is goed.
Ik ben een ruiter waarbij de dressuur er is voor het paard. De wedstrijdsport vind ik geweldig, maar ik zou er nooit mijn lieve Contessa voor weg kunnen doen. En dus paste ik mij aan haar aan en hing mijn jasje in de wilgen.

Tot Aerro in beeld kwam. Gert was op zoek naar een nieuw paard, en natuurlijk ging ik met hem mee als hij dacht dat hij zijn droompaard had zien staan. En zo kwamen we uiteindelijk ook op de stal van Aerro.
Met Aerro had ik een klik. Al vanaf de eerste minuut dat ik hem zag vond ik het een ontzettend sympathiek paard. Lekker no-nonsense, vriendelijk, gemoedelijk. Het begon te kriebelen.
De plannen werden iets gewijzigd. We besloten Aerro samen te kopen. Het was nu niet alleen Gert zijn paard, maar ook dat van mij. En dus zou ik ook weer op wedstrijd kunnen.

Vandaag was het zo ver. Ik haalde mijn laarzen, jasje en nette cap uit het stof en merkte toen dat ik het toch wel heel erg gemist had om zelf een wedstrijd te rijden. Aerro trok zich niets aan van mijn zenuwen. Zo no-nonsense als ik hem vond tijdens de eerste kennismaking, zo no-nonsense was hij tijdens de trainingen thuis en vandaag ook op wedstrijd. Hij trok zich er niets van aan dat ik de omheining niet goed zag, of dat ik twijfelde of ik iemand ondersteboven zou rijden. Als hij dacht dat ik wel érg grote ambities had om door een piepklein gaatje te willen passen waarvan mijn ogen zeiden dat dit prima zou gaan dan ging hij rustig stilstaan.

Ook in de wedstrijdring zelf deed hij het super. Dat ik de hekjes maar amper zag deerde Aerro niks. Hij snapte zelf ook best dat het niet de bedoeling is om over die witte dingen heen te springen, en al na een paar rondjes liet ik dat dus maar gewoon over aan hem. We hadden wat kleine communicatiestoringen, maar dat mag geen naam hebben na zo’n korte tijd van trainen. Het waren twee nette proeven waar ik ruim tevreden mee was. En bovenal: ik heb genoten. Genoten van Aerro, die zo goed op me past terwijl hij me nog maar amper kent. Genoten van de mensen, de organisatie en de gezelligheid van een wedstrijd. En genoten van de prijsuitreiking. Want met een eerste en tweede plek en 184 en 189 punten kon ik met een glimlach van oor tot oor naar huis.

IMG_5689

Mijn laarzen zitten onder het stof, maar dit keer is het stof van het gebruiken. Het is de bedoeling dat ze de komende tijd vaak de kast uit kunnen!

Terug bij af.

Contessa. Wat is het toch een zorgenkindje.

Het ging zo ongelooflijk goed de afgelopen tijd. We hadden een hele mooie stijgende lijn te pakken.
In mijn vorige blog schreef ik al dat er veel spanning was met het opleggen van het zadel. Ik vond dat vreemd en het viel me ergens ook wel heel erg tegen, maar ik kon het goed oplossen. Helaas bleek die spanning niet aan het zadel te liggen, want de volgende dag had ze het ook zonder dat zadel. Langzaam maar zeker ging ze achteruit. Ze werd zenuwachtiger op stal en op de wasplaats, ze was niet goed meer te controleren aan de hand. Longeren ging slecht, misschien nog wel slechter dan het ooit gegaan is.

DSC_1154

Hoe kon dat nou? We waren zo goed bezig!Met de training van paarden is er één ding heel erg simpel. Als je een probleem aan het wegtrainen bent wat ooit is veroorzaakt door pijn, dan heb je twee mogelijkheden. Je komt in een stijgende lijn, af en toe een kleine hapering daar gelaten, en je traint het probleem weg. Of je komt in een stijgende lijn maar de haperingen worden in plaats van kleiner alleen maar groter. Is dat laatste het geval dan heb je opnieuw twee opties. De eerste optie is dat je manier van trainen niet goed is. Klopt je timing? Beloon je op het juiste moment, is het werken leuk voor het paard? Weet je wat je aan het doen bent, heb je professionele hulp ingeschakeld? Als het antwoord op al die vragen ‘ja’ is, dan heeft je paard hoogstwaarschijnlijk een andere reden om niet te willen of kunnen doen wat jij van hem vraagt. In 99% van de gevallen is dat een fysiek probleem.

En dus ging ik weer aan het zoeken. Tess is een heel ingewikkeld geval als het om voeren gaat. Ik geloof dat ik in de vier jaar dat ik haar nu heb al een stuk of 6 soorten voer heb geprobeerd. De ene dierenarts na de andere werd geraadpleegd en toch kwam dit probleem, die complete hysterie die ze kon hebben, meerdere malen per jaar terug. Toch was ik ervan overtuigd dat het in het voer moest zitten. Ik weet dat Tess gevoelig is voor suikers en zetmeel. Nou mag iedereen roepen dat dit een mode-trend is. Vroeger hoorde je hetzelfde over eiwitten, en nu is de suiker meteen de boosdoener als er iets loos is met een paard.
Ik geloof dat 9 van de 10 paarden prima tegen de suikers in een normale sport- of basisbrok kunnen, maar mijn Tessa kan dat niet. En dus ging ik bellen. En mailen. En nog meer bellen. Tot ik uiteindelijk iemand gevonden had die me kon vertellen wat er aan de hand kon zijn, en dat was zomaar ineens een heel geloofwaardig verhaal.

sld_futter-6

Bron: pferdegerecht-shop.de.

Normaal gesproken, als dit probleem zich voordoet bij Tess, haal ik een aantal weken al het krachtvoer weg en krijgt ze een minimale hoeveelheid hooi. Ze krijgt dan medicatie van de dierenarts en na een periode van rust knapt ze meestal wel weer op. Om dan een paar maanden later weer hetzelfde te laten zien. We bleven aan het jo-jo’en.
Wat heel goed zou kunnen is dat Tess allergisch is voor granen, graanproducten en toegevoegde suikers. Ze krijgt sinds anderhalve week een voer zonder deze producten en daarbij toegevoegd verschillende soorten olie, waaronder kokosolie, lijnzaadolie en zonnebloemolie. Ik sta er werkelijk van te kijken, maar na een week heb ik een ander paard zonder dat de dierenarts is langs geweest.

Opnieuw hebben we hier even een tegenslag te pakken. Het gaat weer goed met Contessa, maar we hebben onze training moeten onderbreken. Omdat deze vorm van spanning echt een aanslag is op haar lichaam heb ik besloten haar niet mee te nemen naar school volgende week. Een lange rit met de trailer, vier dagen op stal en daarnaast hard aan het werk vind ik niet passen in deze periode van herstel.
Het zal betekenen dat we thuis verder moeten trainen. Dat is jammer, want een beetje extra begeleiding vanaf de grond als ik er weer voor het eerst op ga zou fijn geweest zijn. Hoe ik dat ga oplossen weet ik nog niet, maar het is gewoon te vroeg om er op te stappen. Daarvoor hebben we eerst nog wat andere hindernissen te overwinnen die nog een paar weken extra tijd nodig hebben. Haastige spoed is zelden goed. Wij nemen onze tijd en kiezen ons eigen tempo.

Keken we vorige keer nog achterom, deze keer kijken we vooruit. Vooruit naar een periode na het herstel, waarin we de training weer kunnen oppakken. Het rijden wordt uitgesteld, maar niet afgesteld. Het komt goed, dat weet ik zeker. Het duurt alleen iets langer dan gepland.

 

Achterom kijken

Kijk vooruit, kijk niet achterom! Hoe vaak heb jij dat in je leven al gehoord? In mijn geval vaak. Kijk naar de toekomst, niet naar het verleden! Ergens is dat ook helemaal waar natuurlijk. Leven in het verleden brengt namelijk vaak leed met zich mee. Het gaat bijvoorbeeld om dingen die er ooit waren maar die je nu kan missen als kiespijn. Kijk je dan terug dan voel je de pijn van toen. Of het gaat om dingen die er toen waren en je nu juist ongelooflijk mist. Achterom kijken maakt dan alleen maar dat je jezelf gaat afvragen hoeveel het leven nog waard is nu het zo veranderd is. In dat soort gevallen is het inderdaad veel beter om vooruit te kijken en niet terug. Het helpt je namelijk niet. Je kan de dag van gisteren vandaag gewoon niet meer ongedaan maken.

IMG_5580

Soms echter, is het juist wél goed om achterom te kijken. Soms gaat het gewoon even allemaal niet zoals je zou willen. Dat was wat ik gisteren had met Contessa. Al zeven maanden aan een stuk ben ik hard met haar aan het werk. Dat ziet misschien niet iedereen, maar het zijn ook maar kleine stapjes die ik kan zetten. Gisteren legde ik voor het eerst het zadel op haar rug. Niet om erop te gaan zitten, maar alleen maar het zadel er op en een stukje wandelen aan het halster zodat ze hopelijk de negatieve associatie die ze heeft met het zadel zou inwisselen voor een positieve.

Helaas. Hoe goed ik het ook allemaal had voorbereid, het werd een drama. Zodra ze het zadel zag raakte ze in de stress. Grote ogen, niet meer willen stilstaan, steeds maar blijven mesten. Na die zeven maanden van voorbereiding moet ik bekennen dat de moed me echt compleet in de schoenen zakte. Daar sta je dan, met je Piet-Paniek-Paard. Om gék van te worden, toch?!

En juist dat is iets wat je nooit moet doen. Gek lijken te worden en de moed verliezen. Het willen opgeven. Denken dat het nooit meer goed komt. Natuurlijk niet. Alles komt goed. Linksom of rechtsom. Misschien loopt het anders dan je denkt maar goed komen doet het.
En dus moet je op dat soort momenten soms gewoon achterom kijken. Even terugkijken naar die zeven maanden en tot de conclusie komen dat je echt al héél veel hebt weten te bereiken samen. Dan kijk je naar je paard en zie je de spieren die ze gekregen heeft, de kilo’s die ze is aangekomen. Dan bedenk je jezelf dat de band die je ooit had in niets meer te vergelijken is met de twee-eenheid die je nu samen vormt. Dan ga je bij jezelf na wat je toen het hele proces nog maar net begon altijd deed als ze totaal in paniek naast je stond te stuiteren en dan ga je, met dat zadel op haar rug, dingen doen die ze zeker kan en die ze leuk vind. Want alleen dan kan je dingen gaan combineren.

Tessa wordt rustig van grondwerk. Ze krijgt dan extra veel leiding en kan haar angst in mijn handen leggen. Grondwerk is bekend voor haar. Ik zag haar bijna denken: ‘oké, we gaan niet longeren, we gaan niet rijden, we gaan gewoon grondwerken. Ik geloof dat ik dat wel kan’. Na een kleine tien minuten liep er een ander paard naast me. Een ontspannen paard, dat met een lage halshouding liep te briesen. Met een zadel op haar rug.

IMG_5564

Hoe fantastisch is dat! Ja, het viel me tegen. Heel erg tegen zelfs. De angst, het verlies van haar vertrouwen in mij. Dat kwam wel weer terug, maar ik had niet verwacht dat het zo erg zou zijn. Mijn idee om vandaag te longeren met het zadel heb ik losgelaten. Dat gaat gewoonweg niet, er moeten nog heel wat kleine stapjes genomen worden voor we daar aan toe zijn en ergens diep vanbinnen baal ik daar enorm van. Het helpt ons echter niet en daarom kijken we gewoon even lekker achterom. We kijken terug naar het punt waar we vandaan kwamen en laten de toekomst gewoon even voor wat het is. We zullen wel zien waar het schip zal stranden. Hoe het ook loopt, of- en wanneer ik er weer op zal zitten, in feite maakt het niet uit. De weg die we hebben afgelegd de afgelopen maanden heeft ons veel opgeleverd. Als je alleen maar naar de toekomst kijkt raak je teleurgesteld als je een planning maakt die niet haalbaar lijkt. Kijk je dan even achterom dan zie je de dingen die al wél gelukt zijn en krijg je daarmee weer nieuwe moed om weer vooruit te gaan.

IMG_5567 IMG_5572

Heb jij keihard geknokt om je lijf iets te laten doen wat het nog steeds niet wil? Heb je hersenletsel en kom je op een moment dat je het liefst het servies tegen de muren zou gooien omdat het je allemaal niet lukt? Neem dan eens een pauze en kijk dan bewust achterom. Je zal zien dat je al veel verder bent gekomen dan je denkt.

Klussen

Al sinds we hier in Neerkant zijn komen wonen, in januari, wacht ik op iemand die me kan helpen met het ophangen van wat spulletjes. Van een schilderij tot een bel, van spullen in de stal tot een vogelhuisje aan het tuinhuis. En het is echt niet zo dat niemand helpt hoor, zeker niet. Het punt is alleen dat er nog altijd zoveel werk is dat dit soort tamelijk onbelangrijke zaken steeds blijven liggen. En zeg nou eerlijk, wie vindt het nou niet leuk om in een aangekleed huis te wonen?

Nu is het natuurlijk geen nieuws dat ik gewoon ontzettend eigenwijs ben. Dat weet ik best. Ik weet ook dat het niet altijd handig is, maar dat het er soms ook gewoon voor zorgt dat je een lastige uitdaging niet uit de weg gaat. En zo besloot ik vorige week dat ik het heft maar eens in eigen hand zou nemen en ging ik aan het klussen.
Ik begon, dacht ik, met iets heel simpels: het ophangen van een vogelhuisje. Dat bleek nog best een gedoe te zijn aangezien ik het op een totaal onmogelijke plaats wilde ophangen, en dus moest Gert me komen helpen. Een beetje hulp is nooit verkeerd en zo schroefden we samen het vogelhuisje aan de muur.

Een dag later besloot ik dat het tijd werd voor wat naambordjes voor de paarden. Nu kan je die natuurlijk heel simpel op internet bestellen, maar dat is een dure grap. Bij de Action haalde ik daarom vijf bordjes met ‘I love my kitchen’ er op. Ik schuurde de tekst er af, verfde de bordjes wit, was creatief met de laptop en een potlood en schilderde er daarna in mooie sierletters de namen van de paarden op. Ik was reuze blij met het resultaat. Nu alleen nog bedenken hoe ik de bordjes op de stallen ga krijgen maar ook dat gaat vast en zeker lukken. Zelf maken is toch ook eigenlijk gewoon veel leuker dan kopen!
20141010_084316

In de keuken wilde ik drie kleine schilderijtjes ophangen. Naast elkaar wel te verstaan, en daar liep ik toch best wel tegen een probleem aan. Het is simpelweg niet heel erg makkelijk om drie schilderijtjes precies even hoog op te hangen als je dubbel ziet. Toch is dat uiteindelijk met een waterpas en één oog dichtknijpen prima gelukt. Nadat ik het een aantal keer had nagemeten om zeker te weten dat het toch echt goed was, sloeg ik mijn eerste spijker in de muur. Of althans, dat was de bedoeling. Helaas sloeg ik met volle overtuiging recht op mijn vinger en huppelde ik daarna al scheldend door de keuken. Nadat ik dat een keer of vier had gedaan ging de lol er wel wat af. Nu ben ik niet voor één gat te vangen en dus ging ik over op de truck met de vork.
Ik hoor je denken: ‘de truck met de vork?’ Ja, met een vork. Als je, net als ik, heel veel moeite hebt om op de spijker te slaan en niet op je vingers, klem dan een vork om de spijker. Je kan de steel van de vork vasthouden, je vingers zijn op veilige afstand van de hamer en timmeren maar! Werkt prima! Mijn vork was na dit avontuur behoorlijk krom en ligt daarom nu niet meer in de bestek la maar in de gereedschapskist.
De heren in de keuken, die verbaasd aanhoorden hoe ik die schilderijtjes had opgehangen, maakten wat leuke complimentjes waar ik stiekem toch wel een stukje van groeide. Ja heren, jullie zijn niet de enige die een hamer kunnen vasthouden! Vrouwen kunnen niet voor niets multi-tasken, die kunnen een hamer en een vork tegelijk vasthouden!
20141010_084614

Dag drie van het klussen vroeg ik Gert of hij me wilde leren hoe je een boormachine moet gebruiken. Er moesten wat haken in de stal worden opgehangen en Gert heeft het gewoon zo vreselijk druk dat hij er niet aan toe komt. Hij keek me aan alsof hij water zag branden. ‘Zou je dat wel doen schat?’ Ja, waarom niet? Oké, ik zie het niet altijd even goed. Misschien is het niet echt een vrouwending. En leren boren in betonsteen is waarschijnlijk ook niet ideaal. Maar als ik het niet probeer weet ik ook nooit of ik het kan, toch? En dus leerde Gert, tamelijk sceptisch, me boren.
Een dag later hingen er een aantal mooie haken en een klok in de stal. Ik stuurde Gert een foto en zei hem dat hij toch maar moest helpen. Dat boren was leuk, maar zeker niet makkelijk. De boor verschoot steeds en mijn ogen werkten ook niet echt mee. Toen bleek dat Gert er niet minder moeite mee had als ik besloot ik dat het gewoon een kwestie van oefenen was en ging ik vol goede moed opnieuw aan de slag.
20141010_084426

Dag vier van de klusweek zette ik de deur van het voerhok op stal in de lak. Ik had verf gehaald, een kwast, een roller, tape om alles af te plakken. Ik las de gebruiksaanwijzing op de verpakking van de verf en ging vrolijk aan de slag. Na een kwartier stond het huilen me nader dan het lachen en dacht ik dat het nooit meer goed zou komen. Het zag er werkelijk waar niet uit. De verf hechtte om de één of andere reden niet op de ondergrond, terwijl die toch echt al in de grondverf stond. Ik baalde als een stekker. Waarom was ik ook zo eigenwijs dat ik altijd alles zelf wilde doen? Terwijl ik steeds meer in paniek leek te raken belde ik naar de winkel waar ik de verf had gekocht en legde uit wat er gebeurde. ‘Ach ja, dat gebeurd vaker hoor mevrouw’, zei de verkoper. Ik moest het gewoon afmaken, dan licht opschuren en opnieuw schilderen, net zo lang tot het netjes dekte. Vandaag was ik bezig met de derde en laatste verflaag en kon ik eindelijk weer genieten van het resultaat. De deur glansde me tegemoet en zag er prachtig uit. Gelukt!

Klussen is leuk. Ik vind het echt ontzettend leuk om gewoon zelfstandig dingen te doen. De grote zware bel mag iemand anders ophangen, maar kleine dingetjes kan ik dus prima zelf. Het kost me bergen energie, dat is dan wel weer jammer. Maar aan de andere kant levert het me ook energie op, omdat het zo leuk is om te doen. En als je dan ’s avonds in de keuken zit te kijken naar die leuke schilderijtjes, of je loopt door de stal en ziet die mooie deur of die haken, dan is dat toch weer eventjes genieten. Ook met een beperking kan je dingen leren. Het kost waarschijnlijk vier keer zoveel tijd als ik zelf iets op hang, maar wat maakt dat uit? Een ander kan het misschien sneller, maar ik vind het gewoon leuk om zelfstandig te zijn.

 

Zonsopkomst

Afgelopen vrijdag was de start van de extra module ‘persoonlijke ontwikkeling’ die werdt georganiseerd door de opleiding tot gedragsdeskundige. Werken met paarden is werken aan jezelf en dus schreef  ik me enthousiast in. Ik bleek de enige student die de tijd of de mogelijkheid had om zes dagen naar Frankrijk af te reizen, maar ondanks dat ging de module door.

Helemaal alleen naar Frankrijk, dat was toch ook wat. Ik vroeg of mama misschien zin had om mee te gaan. Zij zou mooi kunnen uitrusten en buiten de studie-uren om konden we lekker wandelen en bijkletsen. Nou is op vakantie gaan met mama niet geheel zonder risico. Altijd gebeurd er tenslotte wel iets totaal onverwachts waar we op het moment zelf van overstuur zijn en achteraf heerlijk om kunnen lachen. Zo herinner ik me een vakantie waarin ik gekleed in een ultra kort nachthemd het hele bungalowpark over moest omdat mijn moeder het voor elkaar had gekregen ons in de hal van het huisje op te sluiten. Of die ene vakantie waarbij de hond midden in de nacht de hele bungalow voorzag van een laag braaksel en mijn moeder kokhalzend het huisje ontvluchtte. Om nog maar te zwijgen over de terugreis waarbij moeders vrolijk 80 bleef rijden op de snelweg en op mijn vraag waarom we zo langzaam reden antwoordde dat de auto nou eenmaal niet harder wilde die dag en we er een kleine minuut later achter kwamen dat er overal rook onder vandaan kwam en de handrem zat vastgevroren. We zijn ook al eens op vakantie geweest met twee doodzieke konijnen in een bench op de achterbank.

Maar deze keer sloeg het echt alles. Ons vliegtuig vertrok om half acht in de ochtend. Je moet natuurlijk ruim van te voren inchecken, wat betekende dat we om zes uur op de luchthaven moesten zijn. Om dat te kunnen halen moesten we om drie uur ’s nachts ons bed uit. Ach ja, dan zijn we mooi op tijd op de plaats van de bestemming dachten we. Na het mij welbekende drama van het inpakken van de koffers en de daarbij horende paniek stonden we netjes op tijd bepakt en bezakt op het vliegveld, om er daar al snel achter te komen dat mijn handbagage toch geen handbagage bleek en ik hals over kop nog snel wat spullen uit het koffertje trok voor die het laadruim in ging. In het vliegtuig zelf leek het een ware stoelendans omdat een bejaarde man niet begreep waarom hij niet naast zijn bejaarde bejaarde vrouw kon zitten en iedereen al een aantal keer van plaats was gewisseld voor meneer goed zat en gezellig naast mij plaats nam, zichzelf excuserend voor de overlast. Ik vond het een aardige, misschien ietwat verwarde man maar kon het prima met hem vinden tot hij zenuwachtig een beker koffie van de stewardess aanpakte en het hete goedje prompt over mijn benen goot. Ondanks het feit dat ik naar koffie bleef ruiken hadden we verder een prima vlucht met een prachtige zonsopkomst en kwamen we veilig en giebelend aan op het vliegveldje van Bergerac.

Via internet had ik een auto gehuurd. Nu mama mee was kon dat tenslotte prima. Gert betaalde met zijn creditcard, ik printte alle papieren, zei tegen moeders dat ze haar rijbewijs niet moest vergeten en ging er vanuit dat alles geregeld was. Dat was het allerminst. Volgens Gert had ik geen creditkaart meer nodig en dus liet ik die thuis. Niet slim. Want zonder die kaart kregen we geen auto mee. Daar stonden we dan, op een vliegveldje met alleen een oude loods met een bagageband erin en drie houten hokjes met verhuurbedrijfjes. Zonder ook maar één woord Frans te spreken legde ik met handen en voeten uit wat ons probleem was maar we kregen geen auto mee. Ik begon het toch wel erg warm te krijgen. Geen vervoer, we spraken de taal niet, stonden op een uitgestorven vliegveld en hadden niet eens het nummer van een taxi. En nu???

Een uur later vond ik hulp in een Frans verhuurbedrijf die een man in dienst had die vloeiend Engels sprak. Eindelijk kon ik uitleggen dat er wel een kaart was, maar dat die in Nederland lag. Na heel wat telefoontjes werd Gert gebeld door deze behulpzame man, werden de benodigde gegevens uitgewisseld en werd er een auto voor ons geregeld. Super! Het had lang geduurd maar we konden weg! Toen het er niet veel later even op leek dat de TomTom ons in de steek zou laten en we boven op een berg in de middle of nowhere opnieuw zouden stranden was ik in staat om het apparaat uit het raam te gooien. Gelukkig was een herstart voldoende en konden we een kwartier later onze reis vervolgen naar de eindbestemming.

Een prachtige bestemming, dat zeker! Nadat we drie uur later dan gepland arriveerden stonden de verse croissants al voor ons klaar en genoten we van de lunch. Toen ik later die middag hoorde dat ik de hoogst haalbare score, namelijk ‘uitmuntend’ had gekregen voor mijn examenopdracht, kon de dag niet meer stuk en kon ik zelfs lachen om de meest gigantische onweersbui die ik ooit heb meegemaakt en vond ik de dikke zwarte spin op de wc er best vriendelijk uitzien. Ik ben erg benieuwd wat ons de komende dagen zal brengen dus ik zeg: later meer!

(later ook foto’s)

Tomatensoep

Goed, ik ben normaal echt geen klager. Klagen heeft namelijk geen enkele zin, door te klagen word de situatie simpelweg niet beter, maar wel veel ongezelliger. Mijn motto: je kan er beter mee lachen dan om huilen, het wordt er toch niet anders van.

Mijn motto staat nog altijd fier overeind, maar het huilen staat me toch echt nader dan het lachen nu. Vorige week dinsdag werden er onder narcose vijf kiezen getrokken. Oké, dat zijn er best veel, maar ik heb voor hetere vuren gestaan als het om operaties aan mijn gezicht gaat. Al een aantal keren zat ik met een stuk of 60 hechtingen in mijn hoofd gewoon thuis op de bank. Vijf kiezen, dat kon ik wel hebben, toch? Dat was er maar één meer dan de vier verstandskiezen die de kaakchirurg, ook onder algehele narcose omdat ze door het ongeluk wel érg ongelukkig in mijn kaak zaten, in één keer weg haalde. Dat was ook niet leuk, maar ach, ook dat heb ik prima overleefd. Ik had veel pijn en mijn gezicht was zo dik dat mijn moeder niet geloofde dat het haar dochter was in dat bed. Maar ik kan me niet herinneren dat ik zulke avonturen heb beleefd als nu.

Het begon dinsdag al niet zo heel fijn. Het wakker worden ging verre van prettig. Ik had zoveel pijn dat mijn benen als gekken begonnen te schudden en ik totaal geen controle had over de reacties van mijn lichaam. Ik viel van de tafel af en ik hoorde de mensen om me heen in paniek raken voor ik weer in slaap viel. Later begreep ik dat ik opnieuw in slaap ben gebracht en weer wakker ben gemaakt met een lijf vol pijnstillers. Prima. Het wakker worden ging daarna in ieder geval een heel stuk beter. De pijn was dragelijk zolang ik lekker aan het infuus zat, maar eenmaal thuis werd het steeds gekker. Ik kreeg zwaardere en zwaardere pijnstillers maar het leek niet te baten. Mijn gezicht zwol op vreemde plaatsen op. Niet, zoals ik verwacht had, bij mijn wangen, maar juist achterin mijn keel, verhemelte en tong. Het werd er allemaal niet makkelijker op.
De volgende ochtend ging het mis. Ik kreeg opnieuw een dosis zware pijnstillers en mijn tong leek nog het meest op een grote, onbruikbare, stijve rubberen lap. Slikken ging niet, en ademhalen eigenlijk ook niet. Ik ging van mijn stokje af.
Even later lag ik in de ambulance op weg naar het ziekenhuis. Wat was er toch allemaal met mij aan de hand?

De zorg in Nederland is op zijn minst bijzonder te noemen. Als je niet echt dood dreigt te gaan wordt je namelijk een half uur nadat je met de ambulane het ziekenhuis wordt binnengebracht gewoon op je sokken en met eigen vervoer naar huis gestuurd. Oké, ze hadden me wat vocht gegeven omdat ik zo’n beetje was uitgedroogd maar verder vonden ze het niet nodig om iets voor me te doen. Dat ik als een vis op het droge naar adem moest happen, verging van de pijn en flauw viel als ik probeerde te lopen vonden ze maar een kleine bijkomstigheid. De huisarts kon zijn oren niet geloven en schreef een berg medicijnen voor die me wél zouden moeten helpen. Andere pijnstillers in ieder geval, want de dikke tong zou een allergische reactie kunnen zijn geweest op de morfine-achtige stof. De pijnstillers die volgden vielen ook niet erg in goede aarde. Ik zat op de bank en moest mijn ogen dichthouden om te voorkomen dat de huiskamer begon te draaien en er tevens voor te zorgen dat mijn lege maag zich niet binnenstebuiten zou keren. Ondertussen nam mijn brein een loopje met me en verbeelde het zich dat ik een héél klein poppetje was in een héél groot huis en dat ik te pletter zou vallen als ik van de bank af zou komen. Ik besloot het maar gewoon op de oude, vertrouwde paracetamol te houden, maar de overgang van drie maal daags iets nemen wat leek op morfine of alleen nog maar paracetamol pakken was behoorlijk groot. Ik huilde tranen met tuiten maar ja: daar wordt het echt niet beter van. Integendeel. Als je iets niet moet doen als je pijn hebt, is jezelf druk maken. Ik moest de pijn maar gewoon verbijten. Met vijf kiezen minder om op elkaar te houden, dat dan weer wel.

Ondertussen zijn we nu precies een week verder. Ik ben een grootverbruiker van Unox tomaten-crème soep geworden. Geweldig spul! Je kan het warm eten maar koud is het ook wel weg te krijgen. Het lijkt nog het meest op olvarit voor baby’s vanaf één maand maar dan de smakelijke vorm. Het is eigenlijk het enige wat ik kan eten (of beter gezegd, drinken) want je lepelt het zelfs met een piepklein lepeltje makkelijk naar binnen. Geloof me: dat lukt alleen met deze soep. Dunnere soep is namelijk met zo’n klein lepeltje niet op te scheppen en dikkere soep is helaas niet door te slikken. Dunnere soep door een rietje is een soort van martelpartij dus we houden het gewoon op Unox. Lang leve Unox!
Door de antibiotica, alle medicijnen die in mijn lichaam rondzweven en twee keer narcose op één dag komt de soep er helaas nog altijd in dezelfde vloeibare vorm op het toilet weer uit. Mijn persoonlijke hoe-lang-kan-je-soep-binnen-houden-record staat nu op 14 minuten. Dat geeft een mens niet echt een fijn gevoel. Om over de misselijkheid maar te zwijgen. Ik kan niet anders dan toegeven dat het gewoon vreselijk tegen valt allemaal. Oké, de kans dat ik na twee dagen een vreugdedansje zou maken was niet zo heel groot, maar dit is toch wel het andere uiterste.

UNOX

Gelukkig heeft ieder nadeel zijn voordeel. Gert beloofde mij een jaar of wat geleden dat als ik mijn streefgewicht van 55 kilo zou halen, we dan uit eten zouden gaan. Een jaar lang at ik alles wat los en vast zat en jawel: ik kon een leuk restaurant kiezen. Nu ik al een week alleen thee en gezeefde tomatensoep eet vliegen de kilo’s er weer af en kan ik straks mijn best gaan doen om opnieuw mee uit eten genomen te worden. Ik ga alvast eens op internet kijken waar we naartoe zullen gaan. Het voorgerecht sla ik dan wel even over. De tomatensoep komt mijn neus uit!